Dames trainingspakken
Een trainingspak kies je op pasvorm, stof en de manier waarop je je lagen op elkaar afstemt. Hieronder lees je waar het op aankomt, zodat je een combinatie samenstelt die klopt met jouw manier van trainen.
Waar moet je op letten bij een dames trainingspak?
Begin bij de pasvorm, want dat merk je het snelst. Een slim-fit model zit dicht tegen je lijf en schuift niet omhoog wanneer je door je knieën zakt bij squats of uitvalspassen. Verkies je het ruimer, dan geeft een relaxte snit je meer speling en zit die minder benauwd, fijn bij lange sessies of een rustige hersteltraining. Kijk ook naar de lengte van de broek: een lang model houdt je warm en spaart je knieën bij oefeningen op de grond, terwijl shorts of sweatshorts voor meer frisse lucht zorgen als het pittig wordt of de ruimte warm aanvoelt.
De stof zelf bepaalt hoe vlot alles meegeeft. Zit er spandex bij de polyester, dan rekt het kledingstuk alle kanten op en springt het snel terug in vorm. Een mengeling met katoen voelt dan weer zachter en laat je huid beter ademen, al rekt die minder ver. En vergeet het laagjesprincipe niet: een vest of jas over je outfit trek je aan om op te warmen en gooi je er vlot weer af zodra je op temperatuur bent.
Strak of ruim: welke snit kies je?
Een strak model volgt je lichaam zonder te knellen. Dat speelt in je voordeel bij krachttraining en functionele oefeningen, omdat er niets loshangt dat in de weg zit. Zit het té strak, dan wordt het lastig zodra je diep door je knieën gaat of lang aan de slag blijft. Neem in dat geval gerust een maatje groter, of kies een stof die soepeler meerekt.
Let ook op hoe de mouwen gezet zijn. Bij raglanmouwen loopt de naad helemaal door naar de kraag in plaats van bovenop je schouder te eindigen, waardoor je schouders en bovenarmen meer ruimte krijgen. Dat voel je meteen bij bewegingen waarbij je hoog reikt, zoals een overhead press of pull-ups.
Lange broek, joggingbroek of short?
Een lange broek houdt je spieren op temperatuur en is daarom de logische keuze als het kil is of je nog moet opwarmen. Een joggingbroek met een brede pijp en een zachte taille draagt daarbij heel aangenaam, of je nu opwarmt, afkoelt of gewoon op je gemak rondbeweegt. Wil je net minder warmte en meer lucht, dan zijn een short of sweatshort je beste optie bij stevige cardio of in een warme zaal.
Hou je van een strakker silhouet, dan sluit een nauw model met een hoge tailleband mooi aan bij een korter bovenstuk. Zoek je iets losser voor voor en na je training, dan zit je goed met een joggingbroek met trekkoord en zakken met rits.
Een laagje erover: jas of vest?
Een jas met een volledige rits en een rechtopstaande kraag houdt de warmte vast en weert tocht beter af. Een mouwloos vest met kap isoleert minder, maar laat je armen vrijer bewegen, net wat je wil als je veel boven je hoofd werkt of je warmte snel kwijt moet. Allebei doen ze prima dienst als tussenlaag die je zo weer uittrekt.
Kijk bij een jas naar handige details zoals een rits met kinbescherming en zakken die sluiten, zodat er niks uit je zakken valt terwijl je beweegt. Een licht vest met kap komt vooral van pas als extra laagje dat je er meteen afgooit wanneer het je te warm wordt.